Tegen het vallen van de avond van de 19e mei lost achter mij Sint Maarten langzaam op in een lichte nevel. Soms kijk ik op dit soort momenten met enige weemoed naar het eiland dat ik achter mij laat. Vandaag niet. En dat terwijl ik mijn boeg richt naar een eiland waar ik 5,5 maand geleden ook al zonder enige weemoed van weg voer.
Curaçao is de bestemming van deze oversteek. Een tijdelijke eindbestemming zelfs, voor North Wind. Voor mij zelf is het slechts een korte tussenstop. Volgende week gaat de boot de kant op en ga ik samenwonen!


Terwijl het donker wordt pikt de wind nog wat op. Het erge vlagerige raakt er gelukkig wat af nu ik verder van het eiland weg ben, maar het waait wel behoorlijk door. De zee is weer eens vervelend, die zal wel een grotere afstand van eilanden en de Saba Bank nodig hebben om wat te kalmeren. Omdat ik nog wel wat nachtjes zal doen over de komende 490 zeemijlen hoop ik vannacht gelijk al wat slaap te kunnen pakken. Dat gaat altijd een stuk beter als ik mijn trouwe rondjes uitkijken over de horizon kan aanvullen met de uitkijk van mijn AIS, het apparaat wat de aanwezigheid van (veelal grotere) schepen verklapt en hun positie, koers en snelheid aangeeft. Als ik de plotter aan zet om te checken of er wat in de buurt zit heb ik echter pech; de plotter blijkt momenteel geen zin te hebben in praten met de AIS. Of vice versa. Het komt er in ieder geval op neer dat ik op deze manier niets aan mijn AIS heb en dus aan de klus moet. Een klus die inhoudt dat ik getordeerd ondersteboven en achterover in de hondenkooi schroefjes en draadjes tegen het plafond probeer los te wurmen terwijl de boot lekker rolt en over steile golven danst. Het duurt niet al te lang alvorens ik het ondersteboven hangen in de hondenkooi noodgedwongen verruil voor languit op de langsbank, waarna het nog eens korter duurt alvorens ik een sprintje moet trekken naar de kuip. Gelukkig net op tijd, want de frisse wind in mijn gezicht brengt mijn maag en reflexen weer wat tot bedaren. Een pilletje Cinnarizine doet vervolgens wonderen en een kwartier later heb ik nauwelijks nog ergens last van. De AIS laat ik voorlopig echter voor wat het is. Eerst maar een beetje ingeslingerd raken.

Zonder AIS hou ik zo dicht bij alle eilanden een hele nauwkeurige en frequente wacht. Niet voor niets blijkt, want al vrij snel vaar ik samen op met een tanker, en kruipen we steeds dichter naar elkaar toe. Dat wordt botsen als ik niets doe... Wat eigenlijk prima uit komt, want ik was toch al aan het overwegen om eventjes bij te gaan liggen. Er is namelijk iets wonderbaarlijks aan de hand; ik lig voor op Simon! Niet omdat hij zoals gewoonlijk twee keer zo veel zeil als nodig weg heeft gehaald om mij niet voorbij te gaan, maar omdat ik vandaag gewoon sneller ben dan hij. Stiekem maakt me dat best wel een beetje boel blij. Alhoewel ik mijzelf eigenlijk ook wel achter de oren moet krabben over de vraag waarom ik dit pas nu, na bijna twee jaar, voor elkaar krijg... Nu hebben we eigenlijk nog niet echt eerder langere tijd met ruime wind (schuin van achter) gezeild, dus het zou ook zo kunnen zijn dat deze koers voor mijn boot ideaal is terwijl dat precies andersom is voor Colombe... Die blijkt namelijk volgens de gefrustreerde radioberichten van Simon nogal drammerig iedere keer weer met z’n neus naar de wind te willen draaien.

Als de tanker voorbij is en Simon naast me vaart rol ik de genua weer uit en vaar verder. Op de langsbank lig ik benedendeks wat te slapen afgewisseld met het lezen van een boek en het drinken van koffie. Met  een kookwekker en de timer van mijn mobiele telefoon die iedere 10-12 minuten weer af gaan naast mijn oor. Wakker worden, opstaan, trap op klimmen, over reddingsvlot heen klimmen, goed vasthouden aan de grijpbeugel van de buiskap, horizon scannen... Omdat het nogal waait en schommelt trok ik de eerste helft van de nacht iedere keer dat ik naar buiten ging mijn harnas met lifeline aan waarmee ik mezelf aan de haak in de kajuitingang klikte, maar daar ben ik op een gegeven moment maar mee opgehouden en hou me nu gewoon heel goed vast. Maar alsnog; wat een gedoe. Het besef dat ik de komende vijf dagen dit iedere maximaal 15 minuten, dag in nacht uit moet doen, is behoorlijk gekmakend. Dat is zo'n 100 keer per etmaal! Nooit pauze, nooit een goede nachtrust, nooit een keertje overslaan...

Wat verlang ik er af en toe ontzettend naar om gewoon even door te slapen op zee. Bijna altijd voel ik een doffe laag van vermoeidheid om mij heen hangen als ik op zee zit. Een beetje als een kater, maar dan eentje die niet weg gaat. Na een paar dagen varen wen ik daar aan en accepteer ik het solo-bootleven zoals het is, geniet ik er zelfs van dat ik weinig anders te doen heb dan boeken lezen, over zee staren en af en toe een film kijken. Maar een beetje gezelschap en afleiding zou soms ook niet verkeerd zijn. Daarom kijk ik momenteel enorm uit naar de komende periode. Simon en ik gaan namelijk samen de Atlantische Oceaan weer oversteken! Mijn boot blijft in Curaçao achter, en samen brengen we de Colombe via de Azoren terug naar Nederland. Twaalf uur per dag de mogelijkheid hebben te slapen, me niet meer moe te voelen, iemand om mee te kletsen, een spelletje te doen of iets zeil- of routetechnisch te overleggen... En dat alles op een boot die meestal een stuk comfortabeler (en sneller!) lijkt te zeilen dan mijn North Wind. Volgens mij gaan de komende maanden één grote vakantie worden! 

Nou ja, ok. Of het echt een vakantie wordt valt nog maar te bezien. Je kunt op twee manieren naar de Azoren; Rechtstreeks, met waarschijnlijk een heleboel windstiltes, óf met een grote bocht met misschien wel kou en ruige(re) omstandigheden. Maar samen met Simon op één boot zijn die ongemakken allemaal vast een stuk makkelijker te verduren :-)

En dan... aankomen in Nederland! Alles en iedereen weer zien! Fantastisch!
En daarna? Daar gaan we de komende maanden op de grote plas eens verder over nadenken. Maar hé, een zeilboot in Nederland, én één in de Caribbean... Dat biedt natuurlijk mogelijkheden te over!