Stil en timide zitten we in Colombes kuip terwijl de 2 cilinders van Simons Sabb hun best doen ons zo snel mogelijk uit de baai van Samaná weg te krijgen. Opeens lijkt het alsof de lucht om ons heen als een bal uit elkaar spat en alles in een stroperig oranje licht achterlaat. Alles siddert. Of is dat mijn eigen ontzag en angst? Simons gezicht licht fluoriserend roze/oranje op. Ook op zijn gezicht is ontzag af te lezen. Zonder woorden staan we op en duiken benedendeks terwijl we ons angstvallig ver van stalen romp en mast houden. Nog een paar keer licht de boot die gekke kleur roze/oranje op. Daarna zien we door de raampjes dat het nog steeds lichtflitsen de zee in regent, maar nu alleen nog in buien waar we tussendoor kunnen laveren.

Het is ongelooflijk hoe heftig de buien zijn die hier bijna dagelijks ontstaan. We zijn blij als we de volgende ochtend eindelijk de Dominicaanse Republiek en de ergste buien definitief achter ons hebben gelaten.


Herfst

Het is 21 juni, het begin van de zomer. Het afgelopen jaar konden de seizoenen ons weinig schelen, maar voor jullie daar in Nederland is het weer natuurlijk zoals altijd gespreksonderwerp van de dag. Bijna ieder mailtje dat ik uit Nederland ontvang vermeldt vroeg of laat de weersomstandigheden ter plaatse. Wij hadden het er nooit over, hooguit dat het veels te heet was om wat nuttigs gedaan te krijgen. Tot nu, want met het naderen van meer noordelijke breedtegraden houdt het weer ook ons ineens bezig. Niks zwoele midzomernacht hier op de oceaan, maar een zeiknatte kuip, splashes (zout en zoet) water in je gezicht en bibberen op de bank. Het is net herfst! Al meer dan 12 uur lang regent het aan één stuk door. En niet zo’n beetje ook. In combinatie met de wind die soms in de bui zit striemt de regen in je gezicht. De golven komen recht van voren en de zon hebben we deze hele week nog niet gezien. Mijn hemel, wat hebben we gedaan met het maken van de keuze naar Europa te varen? We zitten nu op 25 graden noord. Nog ruim 25 graden extra naar het noorden te gaan... Damn, ik ga maar eens op zoek naar een deken en een dik paar sokken.


"VISSIES VISSIES VISSIES!!"

Simon roept het hoopvol over het water steeds als hij zijn vislijn een meter of 70 laat vieren achter de boot. Simon eet geen vlees of vis uit de winkel, maar als hij ze zelf vangt verorbert hij met heel veel liefde een visje. Of twee. Of tien. Maar vooralsnog helpen mijn waarschuwende gedachten die ik middels telepathie de oceaan over zend goed; hij heeft nog steeds niets gevangen. De vissen hoeven zijn gekleurde plastic inktvis met haak blijkbaar niet. Of er zitten hier gewoon geen vissen. Vogels, dolfijnen en walvissen hebben we ook nog steeds niet gezien. Alsof het hier volledig dood is zo midden in de Bermuda Driehoek. Alhoewel... Simon heeft wel zo’n tig keer per dag iets levends te pakken...

Sargassum Wier

Simon aan het vissen  Weerkaartjes binnenhalen



Volgvogels

We worden gevolgd! Eindelijk een wezen dat leeft met hulp van hart en longen in plaats van fotosynthese. Twee vogels vliegen achter ons aan en landen steeds naast de boot. Zodra de boot uit zicht begint te raken vliegen ze op om vervolgens weer bij de boot te landen. Vergelijkingen met Sisyphos die een kei de berg op probeert te duwen komen boven. Mooi entertainment voor de verveelde zeiler in een schijnbaar eindeloze oceaan...  

Grote (of Cory?) Pijlstormvogel oftewel zee-eend


Monster

Vol verwachting zit ik voor de mast op het vluchtluik om me heen te speuren. Na de twee volgvogels zag ik vanuit de kuip zojuist namelijk de vinnen van een vis naast de boot cirkelen. En niet zomaar vinnen, maar MEGA vinnen. Niet veel later sprong een vis voor de boot uit het water. Door de genua kon ik niet goed zien wat voor vis het was, maar wat ik wel weet is dat hij GROOT is! En dik. Een bovenbeen van een mens is er niets bij. Maar nu zie ik niets meer. Geen vinnen rond de boot, en geen springende vissen. Of... toch! Daar! Vanuit de verte komt er een klein stipje op me af. Het lijkt een vogel, maar ik zou toch zweren dat ik het uit een golf zag springen. De stip wordt groter, en groter, en ja hoor, het is een vis; een vliegend visje. Een visje dat mee zou kunnen doen aan het vissenWK vervliegen, want hij komt van een heel eind weg. Hij kan gelijk de hoogspringkampioenschappen meepakken, want zo hoog heb ik een vliegende vis nog nooit zien springen. Normaal gesproken scheren de beestjes met hun vleugeltjes over de golven, maar deze zie ik tegen de horizon afsteken. Het visje komt steeds dichterbij. “Kijk Simon”, en ik wijs hem waar hij moet kijken. Samen kijken we toe hoe het visje zijn vlucht vervolgt. Ik weet dat vissen over het algemeen nogal stoïcijns kijken, maar ik zou toch zweren dat er een panische vibe van deze vis vandaan komt... Maar ja, misschien is dat ook niet zo gek als je een boot met twee mensen erop op je af ziet komen. Want hij vliegt recht op ons af en gaat als hij zo doorgaat precies aan dek landen. Arm beestje! Vol medelijden volg ik de rest van zijn vlucht. Pfiew, net op tijd laat hij zich naar beneden storten, een meter naast de boot ongeveer. Op het moment dat ik opgelucht adem wil gaan halen schrik ik mij rot en maak een zittend sprongetje op Colombes opbouw. Het water direct onder mij leidt opeens een eigen leven vol kabaal en gesplash. Oranjerood water spat in de rondte... “What the hell was dat?!” Ik hoef niet heel lang te wachten op het antwoord op die vraag; grote vissevinnen en een enorme rug verschijnen wederom boven het wateroppervlak. Wat een monster! Arm niet-meer-vliegend-visje...

Ik blijf angstvallig in het midden van de boot naar het water turen in de hoop het beest in zijn geheel te zien te krijgen. Simon rent gelijk naar de kuip en gaat klaarzitten met zijn vislijn. Een uur later pas wil de hulpeloze-vissen-moordenaar zich aan ons tonen en springt een heel eind uit het water om vervolgens met een grote plons weer onder water te verdwijnen. Bijten in Simons haakje vertikt hij. Ik geloof dat ik het Simon op dit moment van harte gun om beet te hebben. Wat een gemeen kreng om ons te gebruiken voor het opdrijven van zijn prooien! Daarnaast zou het beest als Simon hem zou vangen voor minstens een maand te eten zorgen, zodat Simon geen reden meer heeft om de rest van de oceaanbewoners aan zijn haak te rijgen. Maar ja, het monster laat zich niet meer zien en wij draaien maar een potje zelfgemaakte groente-tomatensaus open voor bij de pasta.

Pastasaus wekken

Verse groente in saus blijft weken- of misschien wel maandenlang goed als je het wekt.


Grootzeilleed

Ik blijf bezig! Iedere keer dat het grootzeil omhoog, omlaag, gereefd of ontreefd moet worden trekken we een scheur in het zeil. Het is net perkament uit de oudheid en als je er een naald inzet en deze ietsje opzij trekt zit er al een scheur in. Ik ben zelf erg tevreden over mijn goed betaalbare zeilen van Qsails, maar Simon denkt toch echt anders over de zeilen die ook hij in de zomer van 2010 van Qsails uit Turkije heeft ontvangen. Gelukkig is het ondertussen meestal rustig en lekker weer waardoor het dichtnaaien van de scheuren geen heel vervelende klus is. Als het doek nog goed en stevig is naaien we de scheur dicht met de herringbone stitch, en waar het net perkament is naaien we er een stuk dacron geknipt uit een oud stormfokje overheen. Bij de eerstvolgende stop maar eens op zoek naar plakdacron, zodat we lekker nóg minder hoeven te doen hier op de momenteel rustige oceaan.

Grootzeil repareren