Ons Weer

De boot wiegt zachtjes wat heen en weer. Af en toe strijkt er een zuchtje wind langs mijn gezicht. Soms is dat doordat de boot mijn gezicht door stilstaande lucht heen wiebelt, en soms is het wat daadwerkelijke wind die over de spiegel van de boot de kuip in waait. Wind uit het noorden, wat betekent dat Colombes boeg naar het zuiden is gericht. Niet omdat we besloten hebben om te keren naar de Carieb, maar omdat er niet genoeg wind staat om te zeilen en de boot daardoor wat in de rondte dobbert.


Rustig weer; kan ik mooi weer wat scheuren repararen  Te weinig ruimte in de kuip, dan maar naar binnen

De afgelopen week hebben we vanalles over ons heen gehad; Angstaanjagende onweersbuien, regenbuien waar geen einde aan leek te komen, een hele dag lang losse druppels die wat om ons heen spatten, plotselinge harde winden en vooral veel rustige wind uit variabele richtingen. Op die variabele winden doen we ons best steeds een stukje de goede kant op te varen, maar af en toe laten we de boot maar gewoon wat doen en varen we een stuk de verkeerde kant op. Het afgelopen etmaal is de halfwinder, het enorme voorzeil van licht doek, al diverse keren van bakboord naar stuurboord en weer terug verhuisd. Het ene moment komt de wind uit het noordoosten, het volgende moment uit het zuidwesten. Sinds gisteren schijnt gelukkig wel de zon. Tot dan toe hadden we haar geen enkele keer gezien. Dag in dag uit was het somber, grauw, regenachtig weer en vlogen de nog donkerdere buienwolken ons om de oren.

Het is gek om te bedenken dat wij de enigen in de wijde omtrek zijn die in aanraking komen met dit weer. Zoals altijd zijn we weer eens te laat in het seizoen en is de meute ons al ver vooruit. Misschien dat er in een cirkel groter dan het oppervlak van Nederland wel niemand te vinden is. Of we er nu blij mee zijn of niet; Ieder buitje, iedere zonnestraal en ieder zuchtje wind is helemaal alleen en speciaal voor ons. Heel af en toe is er een tanker of containerschip dat zich door “ons” oceaanruim begeeft. Een paar uur lang ervaart die bemanning dan ook “ons” weer. Veel acht zullen ze er echter niet op slaan. Hooguit drukt de stuurman een keer op een knop om de koers een graad of wat te wijzigen om te compenseren voor wind of stroom. Als dat niet al automatisch gebeurt... Met 15-20 knopen stampt zo’n vrachtschip over “ons” wateroppervlak en verdwijnt dan weer naar een nieuw stuk oceaan met voor ons totaal onbekende weersomstandigheden. Ons moederziel alleen achterlatend op ons eigen stukje zoute planeet.

Met dit weer hier zullen we het moeten doen. En dus blijven we steeds maar ons best doen wat mijlen vooruitgang te boeken terwijl onze positie mijl voor mijl kriskras over de zeekaart heen zwalkt. Ik ga weer verder in mijn boek, terwijl visjes onder de boot zwemmen, het water zachtjes kabbelt en het zonnetje lekker brandt op stukjes huid die niet door de bimini worden bedekt. Lekker weertje, dat weertje van ons!

Zonsondergang Sargasso Zee


Wachten

Vanuit mijn met kussens in elkaar geflanste kuipbedje kijk ik naar hoe de sterren aan de hemel weerkaatsen in het spiegelgladde wateroppervlak. Tussen de sterrenspiegelingen flonkeren fosforiserende organismen. Het feit dat we al twee dagen op wind wachten mag dan wat frustrerend zijn, het heeft ook zo zijn beeldschone en rustgevende kanten.
Ik ben aan het wachten tot de onweerslucht voor de boeg verder voor de sterrenhemel zal schuiven. In afwachting van wat dat zal doen qua wind en onze mogelijkheden om te zeilen prakiseer ik wat over het fenomeen wachten. Is dat namelijk niet de bezigheid waar ik me de afgelopen paar jaar bijna fulltime mee heb beziggehouden? Ergens voor anker wacht ik tot de weerberichten juist zijn om te vertrekken. Vervolgens, als ik eenmaal ankerop ben begint het gevoelsmatige échte wachten. Wachten tot je ver genoeg uit de kust bent zodat je wat kunt gaan slapen. Wachten op wind bij gebrek daaraan. Wachten op rustiger weer bij een teveel aan wind. Wachten tot de golven wat vriendelijker worden of de wind wat draait zodat de boot niet meer zo rolt of stampt. En natuurlijk vooral wachten totdat je je bestemming bereikt hebt. Alwaar het wachten gewoon weer verder gaat; Wachten op een bus waarvan je geen flauw idee hebt wanneer die zal komen. Wachten op het douanekantoor totdat de officials je papieren voor elkaar hebben. Wachten tot die bui over is zodat je vervolgens een half uur lang met je hand aan het trillende, kabaalmakende 2.3 pK buitenboordmotortje zit te wachten tot je aan de kant bent. En ga zo maar door...

Walker Log

Tijdens het wachten kijken hoe Simons Walker Log de mijlen aftikt...

Één ding is zeker: van dit leven word je een geduldig mens. Uiteraard verlang ik vaak naar efficiency, maar meestal berust ik in het feit dat dingen tien keer langer duren dan dat ze duurden in mijn oude leven. De wachttijd gebruik ik om vermaakt te worden door de al dan niet fictieve hersenspinsels van auteurs van boeken die ik op dat moment aan boord heb. Of ik spin zelf wat met mijn hersenen. Over hoe buien ontstaan, of hoe het kan dat de wind wegvalt, of...
Ik ben wel erg benieuwd naar hoe het me straks, als ik van de zomer weer terug ben in Nederland en het snelle leven, zal vergaan met mijn enorme dosis geduld die ik heb vergaard. Kan ik de hectiek dan helemaal niet aan, of zal ik juist alleen maar genieten van het feit dat alles in een oogwenk geregeld is?
Één ding weet ik vrijwel zeker: eenmaal in Nederland begint vast het grote wachten op het moment dat ik weer terug kan naar mijn bootje. 


Zeevriendjes

Nu dat we al een hele tijd op onze plaats aan het dobberen zijn wordt het leven gelijk een stuk gezelliger. Simon en ik bivakkeren de hele dag samen in de kuip, waar we afwisselend maaltijden nuttigen, boeken lezen, wat keuvelen en nadenken over allerhande vraagstukken. Maar veel gezelligheid wordt ook gebracht door onze buren hier op de oceaan. Allerlei mooie, gekke visjes verschuilen zich onder de boot en laten zich door het glasheldere wateroppervlak voortdurend zien. Allergezelligst zijn onze vriendjes de zee-eenden, die de hele dag door naast de boot dobberen precies naast de kuip. Het zijn net eenden die schooien om brood. Ze kijken ons aan, zwemmen naar ons toe, wassen zichzelf, schudden met hun eendenkontjes...

Hij is echt niet bang...


Uitgebreide gesprekken voeren Simon en ik over de naam en herkomst van deze beestjes en we fantaseren over wat ze hier in vredesnaam doen naast de boot. Schooien ze daadwerkelijk om eten en verwachten ze stukjes vis? Sorry jongens, maar met Simons visgeluk zou ik toch echt nieuwe buurvrienden gaan maken! Of voelen ze zich veilig naast de boot, in hun optiek een groot “zeebeest” waarbij ze kunnen uitrusten zonder bang te zijn hun pootjes te verliezen aan happende tanden? Hadden we maar internet. Of een encyclopedie van de oceaan. Ik wil het allemaal zo graag weten! Maar misschien is dit beter zo. Want het vormt een hoop gespreksstof tijdens het wachten op wind, en leidt de aandacht af van het feit dat we al dagenlang hulpeloos stilliggen in een gebied van overwegende kalmtes aan het begin van het orkaanseizoen...


Een filmpje van vogels, vissen, stilliggen en lichtweerzeilen op de oceaan. Wellicht alleen leuk voor mensen die altijd al nieuwsgierig zijn geweest naar hoe het is om stil te liggen op een oceaan, want het is wat langdradig en de kwaliteit laat helaas te wensen over. Net als het nivo van mijn communicatie met de beestjes, maar dat heeft wellicht iets te maken met de hoeveelheid (of eigenlijk gebrek aan) prikkels op een grote oceaan...


Lichtweerzeilen

“Nou, ik kan het iedereen aanraden om de rechtstreekse route naar de Azoren te nemen hoor!” Tevreden nestelt Simon zich in een stapel kussens op de kuipbank. Die bank is droog (in tegenstelling tot de meestal natte staat van North Winds kuip), het zonnetje schijnt en de boot wordt vooruit getrokken naar het noordoosten door de spinnaker die als een enorme bolle, met wind gevulde vlieger voor de boot uit waait. Het lijkt wel alsof de boot voor anker ligt in een rustige baai zo stil dat we varen.

Stuurautomaat op windvaan

Met de electrische stuurautomaat aangesloten op de windvaanstuurinrichting blijft de boot energiezuinig ook bij lichte wind veel beter op koers.

Een halve dag later: “Wat haat ik dit! We hebben helemaal de verkeerde route gekozen en nu zitten we vast. We gaan het helemaal niet redden met onze voorraden, misschien halen we het uberhaupt niet en zitten we voor altijd vast in dit rot-hogedrukgebied”. Aldus een opeens door windstilte gefrustreerde Simon. De drama-king... Ik probeer de moed erin te houden. Het leven op de oceaan is heerlijk. Rustig, comfortabel, sinds vorige week eindelijk zonnig. Niet te heet, nauwelijks te koud. Echt genieten. Toch knaagt ook bij mij continu iets. Twee dingen eigenlijk. Officieel gaat per 1 juni het orkaanseizoen van start. Meestal gebeurt er de eerste maand weinig, maar toch, het is nu eind juni... En we zitten dus nog steeds in orkaangebied. Om die reden zijn we afgelopen week flink naar het oosten gevaren om gevoelsmatig wat van de meest gebruikelijke trekrichting van orkanen weg te komen. Maar daardoor hebben we ons wel in een andere benarde situatie gemanoeuvreerd: we zitten wat te diep in het Azorenhoog, het enorme hogedrukgebied dat bijna permanent over de Atlantische Oceaan ligt. Lichte, variabele winden tot gevolg. We hebben zoveel mogelijk water meegenomen, en ook flink boodschappen ingeslagen, maar is het genoeg? We doen nu al bijna twee weken over een afstand van zo’n 600 mijl... Als we nu geen wind gaan krijgen zullen we direct op een dieet moeten van maximaal 2 liter water per persoon per dag, inclusief eten-kook-water, koffie, handen wassen, etc. Ook het eten zullen we moeten minderen. Daarnaast blijken we als we in dit tempo doorgaan te weinig bloem mee te hebben om iedere dag brood te kunnen eten. Dat overleven we natuurlijk allemaal prima, maar leuk is anders. En er is natuurlijk altijd een kans dat we steeds verder dat Hoog in worden “getrokken” en we er daadwerkelijk niet of te laat pas uit kunnen komen. Met de overgebleven 40 liter diesel komen we natuurlijk niet echt ver.

Maar ja, we liggen nu eenmaal stil, dus we kunnen toch niets anders doen dan afwachten en de spinnaker of halfwinder hijsen zodra het maar een klein beetje lijkt te gaan. Gelukkig boeken we op deze kalme zee al bij 4 knopen wind enige vooruitgang. Ik ben toch wel reuze-dankbaar voor het feit dat Simon twee van die heerlijke lichtweerzeilen mee heeft!

Hobby'en in de kuip


Bermuda

De knoop is doorgehakt. Nadat we na een halve dag wind wéér volledig stil zijn komen te liggen hebben we besloten uit te wijken naar Bermuda. Althans, zodra het begint te waaien uiteraard. Voorlopig hebben we weinig te willen en komen we nergens. Het plan was rechtstreeks naar de Azoren te varen, maar doordat we nu al meer dan 2 weken doen over een stuk dat bij gunstige wind in 5 dagen afgelegd zou kunnen worden spelen we op veilig en gaan water en eten halen in Bermuda. Daarnaast; wanneer heb je nou de kans om "even" te gaan kijken in Bermuda? We zijn enorm nieuwsgierig!